Shri Buddha Puja, The Search for the Absolute

(England)


Feedback
Share

Shri Mataji Nirmala Devi

Shri Boeddha Puja

Shudy Camps, Engeland

31 mei 1992

Engelse transcriptie: Amruta verified
Nederlands: eindversie 18/08/2015

Vandaag zijn we hier samengekomen om Shri Boeddha puja te houden. Ik weet niet hoeveel van jullie gelezen hebben over Boeddha’s leven en hoe hij uiteindelijk zijn verlichting bereikte. Ik weet ook niet hoeveel van jullie echt boeddhisten hebben gezien of hen hebben ontmoet, zij die zichzelf boeddhisten noemen. Zoals in elke religie verloren ze zichzelf allemaal in een zeker fundamentalisme, omdat geen van hen realisatie kreeg. Daardoor ontwikkelde iedereen zijn eigen religieuze stijl. Je kunt zelfs zeggen dat de Tao van Lao Tse en de Zen van Vidditama, allemaal vertakkingen zijn van hetzelfde.

We moeten zien hoe hij eerst besefte dat je iets moet nastreven dat boven het leven staat eens we volledig tevreden zijn met wat we hebben. Want hij was een koningszoon, hij had een heel lieve vrouw en een zoon, natuurlijk zou iedereen in zijn positie best tevreden zijn. Maar op een dag zag hij een erg zieke man, hij zag een bedelaar en hij zag ook een dode en iedereen huilde om die dode man. Hij kon niet begrijpen hoe deze ellende was ontstaan en waar deze ellende voor nodig was. Dus gaf hij zijn familie op, hij gaf zijn luxueuze leven op, hij gaf alles op en ging op zoek naar de waarheid, zoals velen van jullie hebben gedaan.

Ik moet zeggen dat hij evengoed verloren had kunnen zijn, want hij las alle Upanishaden en hij las alle mogelijke boeken, om erachter te komen wat de waarheid is. Maar hij kon niets vinden. Hij ging over tot volledige sanyasa1, in die zin dat wat eten betreft, wat plezier betreft, hij alles opgaf. En uiteindelijk lag hij onder een banyanboom en plotseling gaf de Adi Shakti2 hem zelfrealisatie omdat hij zo waarachtig was en één van diegenen die voorbestemd waren voor een speciale plaats in de Virata3. Hij moest dat bereiken. Natuurlijk hoef ik niet te spreken over zijn voorgaande levens, want daarover heb ik al in zoveel van mijn lezingen gesproken, over zijn eerdere leven en hoe hij zelf zijn eigen verlichting bereikte.

Maar wat we moeten leren van zijn leven is dat hij ontdekte en erachter kwam dat de behoefte de oorzaak is, het verlangen de oorzaak is van alle ellende. Maar hij wist niet wat de ware behoefte was. Wat was de zuivere behoefte? Wat was het zuivere verlangen? En daarom kon hij mensen niet uitleggen dat ze hun ontwaking moeten krijgen door hun Kundalini. Omdat hij zo’n ascetisch leven had geleid, werd dat ook de leidraad voor de boeddhisten. Laatst toen ik in Thailand was, las ik over Boeddha en het verbaasde me dat de bhikku’s, een bhikku, wat in het Sanskriet bhikshyu betekent, iemand is die om aalmoezen vraagt, of je kunt hem een bedelaar noemen, maar dan een religieuze bedelaar.

Hij nam dus duizenden mensen met zich mee, ten minste duizend, blootsvoets, zonder enige voedselvoorziening, zonder dat er iets geregeld was voor hun verblijf, niets, en ze waren verplicht hun hoofden volledig kaal te scheren: geen snorren, totaal geen beharing op het lichaam. Bovendien mochten ze maar één kledingstuk dragen. Eén lang stuk stof moesten ze zo vastmaken om zichzelf te bedekken, of het nu het koude seizoen was of het warme seizoen, welk dan ook. Het was hen niet toegestaan te zingen of te dansen, of zichzelf te vermaken met wat dan ook. En voedsel werd gewoon verzameld in de dorpen die ze bezochten, wat ze maar konden krijgen, zeer minimaal. Wat ze kregen werd voor hen gekookt en ze boden het eerst hun guru aan en aten daarna zelf. Stel je voor dat duizend mensen zo reisden, blootsvoets, in de schroeiende hitte of in de modder, of in de regen. In alle seizoenen trokken ze verder, ze gaven al hun familiebanden op. Zelfs als een man en vrouw zich samen bij de sangha4 aansloten, dan was het hun niet toegestaan als man en vrouw te leven. Door dus afstand te doen van alle mogelijke fysieke behoeften, mentale behoeften en emotionele behoeften trachtten ze hem te volgen, omdat hij zei dat behoefte de oorzaak was.

Maar kijk naar de boeddhisten, zij doen al deze dingen. Het zal je verbazen dat zelfs een koning dit zou doen. En er waren in die tijd veel koningen die zich bij hem aansloten; één van hen was Ashoka, uit India. Hij kleedde zich zo en hij werd zo, hij begon op dezelfde manier te reizen en probeerde een volmaakt ascetisch leven te leiden. Het was een heel zwaar leven en ze dachten door dit alles te doen, hun realisatie te bereiken. Men zegt dat twee van zijn volgelingen deze ook echt bereikten, hun namen zijn Moggallana en Sariputta. Deze twee mensen kregen hun realisatie.

Maar het was een leven dat volkomen droog en vreugdeloos was, zonder enige vorm van plezier. Kinderen waren niet toegestaan, een gezinsleven was niet toegestaan. Zo werd het dus een heel besloten, heel zwaar, ik zou zeggen een heel droog leven. Het werd dan wel een sangha genoemd, een collectiviteit, maar in die collectiviteit bestond er geen echte verstandhouding, omdat ze niet teveel mochten praten, ze mochten niets bespreken, zoals bijvoorbeeld politiek of economie, of wat dan ook. Ze mochten alleen over meditatie spreken, over het bereiken van het hoogste levensniveau.

Je kunt je dus voorstellen wat voor leven ze moesten leiden om verlicht te geraken. En dat idee werd overgenomen in zoveel religies, en bovendien zette het mensen ertoe aan geld af te nemen van de bewoners, door te zeggen dat ze alles moesten opgeven. Natuurlijk was het ook in de tijd van Boeddha zo dat ze alles moesten opgeven om de sangha te vervoegen, maar toen was er nog de oprechte poging van Boeddha om hen naar de verlichting te begeleiden, om van hen mensen te maken die de kennis hadden over de absolute realiteit. Maar het gebeurde niet en daarom zien we dat boeddhisten zich nu hebben verloren in verschillende rare vormen van boeddhisme. Er bestaat nu bijvoorbeeld een soort boeddhisme in Japan waarin het niet is toegestaan enig dier te doden. Dus zeiden ze: “Goed, we zullen geen dieren doden, maar we kunnen wel dieren eten die al gedood zijn”, zie je. Ze vonden daar dus een oplossing voor. Maar ze kunnen ook wel mensen doden want dieren doden is niet toegelaten, maar mensen doden kan wel. Zo werden Japanners experts in het doden van mensen. Zo zie je maar hoe mensen achterpoortjes weten te vinden.

Daarna kwam een tweede vorm van boeddhisme op, waarin Lao Tse de Tao onderwees. Maar de Tao is eigenlijk, hij is de enige die over Kundalini begon te spreken, de Tao is de Kundalini. Maar ook dat was teveel voor deze mensen. Ze konden gewoon niet begrijpen waar hij het over had. De manier waarop hij zich uitte in schilderijen en op andere manieren, gewoon om af te wijken van deze harde soort van boeddhisme. Maar op de één of andere manier, ondanks dat, schoot het nooit echt wortel. Ik heb mensen ontmoet die de Tao volgen, en je kunt helemaal niet begrijpen hoe het kan dat deze mensen het pad van de Kundalini volgen.

Er is een rivier, de Yangtze genaamd en als je ze bevaart, ontdek je een hele verscheidenheid aan dingen. Iedere vijf minuten verandert het landschap of nemen de prachtige bergen andere vormen aan en je hebt er talloze watervallen, het is heel interessant. Dat is de Kundalini. De Tao is die rivier. Maar er wordt gezegd dat je niet je aandacht mag laten afleiden door deze verleidingen die zich buiten je bevinden. Je zou ze moeten zien, maar vooruit blijven gaan. En dat is de betekenis van de Tao waar hij het over had, maar zij raakten verloren: ze begonnen dat alles te tekenen en dingen te doen die eerder van kunstzinnige aard waren. Maar in de grond had Boeddha het nooit over kunst. Hij wou nooit iets met kunst te maken hebben, en hij wou niets met kunst doen, zei hij; het enige wat telt is dat je aan introspectie moet doen en heel diep naar binnen gaan om te ontdekken wat de absolute waarheid is. Zo begon alles dus af te wijken.

Ook het Zen systeem was verweven met de Kundalini en werd door Vidditama, een van zijn grote volgelingen, in Japan gestart. In het Zen systeem is het zo dat ze soms zelfs sloegen achter op het, wat je het ruggenmerg noemt, op de chakra’s in hun pogingen de Kundalini te laten opstijgen. Er gebeurden de vreselijkste dingen. In het Zen systeem ontwikkelden ze zeer hardhandige methodes om de Kundalini te laten opstijgen. Het ging zelfs zo ver dat ik mensen heb ontmoet waarvan het ruggenmerg gebroken was, met een gebroken ruggenmerg zal de Kundalini nooit opstijgen.

[… hou alsjeblieft je aandacht erbij. Eén vrouw loopt naar buiten en de aandacht is weg. Ik bedoel, als jullie aandacht zo zwak is… Hou alsjeblieft je aandacht erbij, begrijp je dat? Als één persoon buitengaat, moet je aandacht niet verslappen, en kom alsjeblieft niet binnen om te storen. Het probleem is namelijk dat we moeten begrijpen dat onze aandacht stabiel moet zijn. Als één vrouw naar buiten gaat en je aandacht wegvalt, weet dan dat je meer moet mediteren. Hou je aandacht er alsjeblieft bij.]

Deze Vidditama Zen nam dus vervolgens een heel andere vorm aan. Ik ontmoette het hoofd van het Vidditama Zen systeem en ik was verbaasd want ze lieten me komen omdat hij heel ziek was. Ze zeiden: “Moeder, help hem alstublieft genezen.”

Maar ik zag dat hij helemaal geen gerealiseerde ziel was en dat hij geen woord wist over de Kundalini. Dus zei ik: “Hoe komt het dat u het hoofd bent, hoe komt het dat u het hoofd bent geworden terwijl u de betekenis van de Kundalini niet kent?”

Dus vroeg hij: “Wat is de Kundalini?” Hij begreep er helemaal niets van.

Ik vroeg: “Wat is Zen?”

“Zen is mediteren, dhyana5.”

Ik zei: “Goed, maar wat weet u daarover?”

“Ja, ja, dat is zo.” Ik bedoel, hij was zo verward.

Toen vroeg ik hem: “U bent geen gerealiseerde ziel, hoe kan het dan dat u het hoofd bent?”

Hij zei: “We hebben al eeuwen geen enkele gerealiseerde ziel meer gehad. We hebben maar gedurende zes eeuwen enkele kashayapa’s6 gehad” Zo noemen ze hen, kashayapa’s. “Maar daarna hadden we helemaal geen gerealiseerde zielen meer.”

Dus denk je nu eens in onder welke omstandigheden jullie je realisatie kregen. Zonder iets op te offeren, zonder iets op te geven, zonder iets van deze tapasya’s te doen, boetedoeningen. Want Boeddha is de tapa. Deze drie godheden ter hoogte van je Agnya chakra, Christus, Mahavira en Boeddha, zij zijn alle drie tapa. Tapa wil zeggen ‘boetedoening’. Je moet boete doen. En boetedoening in Sahaja Yoga betekent niet dat je je vrouw verlaat, of je man verlaat, je kinderen of je familie verlaat. Maar hier betekent tapa meditatie. En voor meditatie moet je weten wanneer je moet opstaan, dat moet het allerbelangrijkste zijn voor een Sahaja yogi. Al het andere zal automatisch uitwerken, en je zult het begrijpen.

Om te groeien in je diepte moet je mediteren, dat is zeer eenvoudig. Je hoeft je hoofd niet kaal te scheren, je hoeft jezelf niet uit te hongeren, je hoeft niet blootsvoets te lopen, je mag zingen, je mag dansen, ik bedoel, je kunt jezelf vermaken met muziek. Daar had je niet eens een toneelstuk mogen zien, of een voorstelling, of iets van die aard. Ik bedoel, zoveel dingen, als je de lijst zag, zou je gewoon gek worden. Hoe konden mensen zo leven? Maar er waren duizend mensen die hem volgden, die met hem mee reisden en zij werden zo arm, ze droegen enkel lompen.

Uiteindelijk kwam er een welvarende handelaar langs en toen hij hen zag, dacht hij: “Wat zijn dit voor arme mensen? Het zijn bedelaars. God weet zijn het lepralijders, of wat zijn ze?” En hij voelde erg met hen mee en hij gaf hen wat te eten en zo meer, maar toch wist hij niet dat het de Tagata was, namelijk dat het Boeddha was die daar reisde.

Dus het allerbelangrijkste over Boeddha is: Boeddha zelf betekent boddh, van boddha, en boddh betekent: de realiteit kennen op je centrale zenuwstelsel, dat is boddha. Jullie zijn nu allemaal Boeddha’s geworden, zonder iets op te geven, want wat hij ook opgaf was zinloos. Het was een illusie. Als het een illusie is, wat is het nut ervan die op te geven? Wat maakt het uit als je naar muziek luistert? Wat maakt het uit als je danst? Het maakt helemaal niets uit. Maar deze ideeën nestelden zich zo diep in deze mensen dat je echt zo’n medelijden en zo’n medeleven voelt: kijk naar hen, waar verliezen ze zichzelf in? Ze eten niet, ze eten maar af en toe, ze lijden honger en zien er slechter uit dan tuberculosepatiënten. Terwijl jullie er echt uitzien als rozen, je geniet allemaal op zo’n mooie manier van het leven en alles wat er is. Maar toch moet je beseffen dat we dat principe van Boeddha in ons moeten hebben. En wat is dat principe van Boeddha: het betekent dat we tapa moeten doen.

Met tapa bedoel ik niet dat je jezelf uithongert. Maar als je teveel interesse hebt in eten dan is het beter om een beetje te vasten. Ik heb nooit gezegd dat je niet van muziek mag genieten, nooit. Geen sprake van, je moet ervan genieten. Maar je zou van muziek moeten genieten die bevrijdend is, die je doet ontwaken en die je doet groeien. Ik zeg niet ‘doe dat niet’, want jij bent nu zelf een Boeddha. Boeddha hoefde niets verteld te worden, hij vertelde het aan iedereen, maar hem moest niets verteld worden. Zo moet ik het jullie ook niet vertellen. Jij bent degene die het moet begrijpen. Maar soms zijn we echt gebonden door zoveel conditioneringen dat ik het zeer moeilijk vind voor mensen te begrijpen wat de Spirit7 is.

De Spirit is grenzeloos. Hij is een vrije uiting van Gods liefde. Als het dus aankomt op de vrije uiting van Gods liefde, het mededogen, de liefde, dan moet je inzien of we iets doen of niet. Zelfs nu zijn er nog veel conditioneringen die in ons werken. Sommigen van jullie zeggen bijvoorbeeld nog: “Ik behoor tot deze nationaliteit, of die nationaliteit, ik ben dit, ik ben dat. Daar zijn we heel trots op. We kunnen ons niet onder andere mensen begeven, daar zijn we te goed voor.” Of iets in die zin. Nu ben je een universeel wezen geworden. Hoe kun je dan nog dit soort domme begrenzingen stellen, die opnieuw een illusie zijn? Je moet dus aan zelfonderzoek doen en nagaan of je dit in je hebt.

[Wat is er aan de hand met haar? Neem haar mee.]

Bij je kinderen moet je dit ook zien, het is heel belangrijk, hoe ze zich gedragen, of ze agressief zijn, hoe ze zich gedragen. Het is heel belangrijk, want zij zijn ook Boeddha’s, zij zijn ook gerealiseerde zielen. Maar ze hebben bepaalde conditioneringen in zich, en ze gedragen zich volgens deze conditioneringen. Nu is het zo dat we kunnen zien dat er licht in ons is. En wat er gebeurt, is dat we beginnen te zien wat er mis is met ons en we laten het gewoon los. Maar als je het ziet en je het zelfs dan niet kan loslaten, weet dan dat je meer kracht nodig hebt. Dan moet je leren hoe je je Kundalini omhoog brengt, hoe je voortdurend in verbinding kunt staan met de goddelijke kracht, zodat je in gedachteloos bewustzijn bent en je vanbinnen groeit in je diepte.

Ik zie dat er nog een grote conditionering op de loer ligt, namelijk ‘mijn’ en ‘het mijne’, in Sahaja yogi’s. Wat ik vroeger hoorde over Engelse of alle westerse mensen, want ik spreek nu tegen de westerse mensen, is dat zij niets gaven om hun families, hun vrouwen en hun kinderen. Elke derde dag was er een scheiding en elke vierde dag gingen ze er vandoor met iemand anders echtgenoot, of zoiets. Maar nu zie ik ze aan elkaar plakken als lijm. De vrouw wordt heel belangrijk, de man wordt heel belangrijk, ‘mijn huis’ wordt heel belangrijk, ‘mijn kinderen’ worden heel belangrijk. Eerst waren ze niet eens geïnteresseerd in kinderen, nu plakken ze aan hun kinderen alsof ze eraan vastgelijmd zitten. Het is onmogelijk hen duidelijk te maken dat kinderen tot de sangha behoren, tot de collectiviteit. Denk niet dat het jouw kind is. Zodra je dat begint te denken beperk je jezelf en ondervind je daar problemen van.

Ook op het vlak van een land zou ik zeggen dat de problemen enorm verminderen. En wij houden er ook niet van om racistisch te zijn; ik weet dat mensen het haten als anderen racistisch zijn en willen dat racisme verdwijnt. Zo heb ik in India gezien dat Sahaja yogi’s willen dat het kastensysteem volledig verdwijnt. Want deze systemen zijn zelfdestructief. We beginnen dus in onszelf te zien wat zelfdestructief is. Wat zal mij vernietigen? Vervolgens, wat zal mijn familie vernietigen? En dan, wat vernietigt mijn land en wat vernietigt de hele wereld? Al die situaties die lijnrecht tegenover je constructieve leven staan, begin je te zien: je ziet je ontsporing, je ziet dat je op je vernietiging afstevent en je kunt het tegenhouden.

En dat is ontzettend belangrijk. Het is alleen mogelijk als je probeert aan introspectie te doen, te mediteren en na te gaan: heb ik die kwaliteit? Sommigen zijn heel trots op bepaalde karaktertrekken zoals: “Ik ben zo, niets aan te doen Moeder. Ik ben nu eenmaal zo.” Nu niet meer. Nu zijn al je mooie kwaliteiten ontwaakt door je Kundalini. En dat bewijst dat niets dood was, dat niets verdwenen was, het was allemaal nog intact. En toen de Kundalini begon op te stijgen liet zij gewoon al deze mooie kwaliteiten ontwaken.

Bovendien zal ik jullie tijdens de Guru Puja vertellen wat er allemaal gebeurd is. Natuurlijk vertelde ik jullie tijdens de Sahastrara Puja over jezelf, wat je hebt bereikt, je hebt geen idee van je krachten. Maar in de Guru Puja zal ik jullie absoluut vertellen wat Sahaja Yoga precies is. Het is een van de grootste kostbaarheden, die de mens lang geleden al had moeten kennen. Het is niet alleen spreken over God, het is niet alleen zeggen dat er goddelijkheid in je is, maar de doeltreffendheid ervan. Je hebt dus geen wetenschap nodig: als je een probleem hebt, geef het een bandhan8 en klaar. Zo eenvoudig. Als je iets wilt, geef het gewoon een bandhan en klaar. Wil je realisatie geven, laat haar opstijgen. Laat de Kundalini opstijgen. Alles wat je kunt met de wetenschap kun je ook met Sahaja Yoga. Wij zijn ook computers. Soms zeg ik iets, en je vraagt: “Moeder, hoe weet u dat?”

Ik zeg dan: “Ik ben een computer, zonder twijfel.”

Maar jullie zijn allemaal computers, jullie moeten gewoon je diepte ontwikkelen. Nu ben je op het juiste pad. We hebben deze wetenschap die ons kan vernietigen niet nodig. Alles kan gedaan worden met Sahaja Yoga. En dit zal ik jullie verder uitleggen tijdens de Guru Puja, hoe je zo bekwaam wordt. Heb dus alsjeblieft zelfrespect. Heb zelfwaardering en besef dat je een Sahaja yogi bent. Eerst en vooral ben je een Sahaja yogi, en als Sahaja yogi moet je die staat bereiken waar je absoluut bekwaam bent alles te doen wat de wetenschap doet, wat wie dan ook kan doen, dat is ware siddhi9, wat betekent dat je de belichaming wordt van alle krachten.

Sommige mensen komen me vertellen: “Moeder, we kunnen ons hart niet openen.” Dan zeg ik niet: “Laat maar een open hartoperatie uitvoeren.” Maar ‘mijn hart openen’ betekent gewoon te zien wat er mis is met je. Kun je geen medeleven voelen? Ik heb mensen gezien met een open hart voor een hond of kat, maar soms hebben zij geen open hart voor hun kinderen. Hoe kun je nu geen open hart hebben in Sahaja Yoga? Dat is de eerste plaats waar de Spirit bestaat, en hij straalt licht uit en als hij zijn licht uitstraalt is dit de eerste plaats waar je het leven ziet van iemand die vol liefde is. Hoe is het dus mogelijk dat dit probleem nog bestaat, ‘ik kan mijn hart niet openen’? Het moet wel komen doordat je alleen ego hebt, maar geen zelfwaardering.

Boeddha is dus degene die de vernietiger is van het ego. Hij is de vernietiger van het ego. Zoals je hebt gezien, beweegt hij zich voort langs je Pingala nadi10, en komt hij hier en vestigt zich aan deze kant, de linkerkant. Hij is het die ons ego controleert, en hij heeft alles geprobeerd om de rechterkant te compenseren. Eerst en vooral heb je vast al de lachende Boeddha gezien. Hij is ontzettend dik, terwijl iemand die rechts is, heel mager is en nooit lacht, zelfs nooit glimlacht. Zelfs als je hem kietelt, lacht hij nog niet. Ze hebben Boeddha dus getoond als iemand met veel kinderen die op zijn buik zitten, over zijn hele lichaam en hij zal lachen. Zie gewoon hoe ze de compensatie hebben getoond van Boeddha die de beheerder is van onze rechterkant. Hij controleert dus onze rechterkant door gewoon te lachen. Hij lacht om zichzelf, hij lacht om alles. Alles wat ze zien – zo heeft hij bijvoorbeeld gezegd: “Kijk naar geen enkel toneelstuk.” Maar ik zeg: “Kijk naar elk toneelstuk.” Maar bekijk het met je verlichte bewustzijn, dan kun je de dwaasheid ervan inzien en daarvan genieten.

Bijvoorbeeld deze dame, Elisabeth, was acht keer getrouwd of zoiets, of negen keer, ik weet niet hoe vaak ze getrouwd was, ik ben de tel kwijt. Dus deze dwaze mensen gingen erheen, drie of vierduizend, stel je voor, meer dan jullie samen, stonden er omheen en er waren helikopters die parachutes lieten vallen, zie je, naar beneden, en iedereen was zo onder de indruk. En de parachutisten kwamen in de bomen terecht en soms bovenop de mensen. En het stond allemaal in de krant, als groot nieuws voor de Amerikanen, zie je. Je zou er dus de idiotie van moeten inzien. Als je er de idiotie van kunt zien, dan is het in orde. Maar als je één van die toeschouwers bent die denkt: “O, wat voor iets is dit, wat een geluk dat ik deze vrouw heb kunnen zien, zo’n omineuze persoonlijkheid, die op haar huwelijksreis vertrekt.” Dan zie je, in alles wat je ziet – toen ik bijvoorbeeld naar Rio ging lieten ze me zien hoe ze daar carnaval vieren. Mijn God, ik moest bijna overgeven, het is zo weerzinwekkend.

Hoe je dus op iets zult reageren hangt af van je aandacht. Boeddha chitta, dat betekent degene die verlichte aandacht is, hoe je reageert. Als het natuurlijk iets goddelijks is dan is je aandacht verrukt, absoluut, je zult je aandacht niet op iets anders richten. Voor jou maakt het niet uit wat er in de wereld gebeurt, je aandacht is er volledig bij. Maar als het iets onzinnigs is kun je daar de essentie van zien; als het iets humoristisch betreft kun je er ook de essentie van zien. Wat dus gebeurt met dit soort aandacht is dat je de essentie van het geheel ziet in verhouding tot de realiteit. Vergeleken met de realiteit is het onzin. In het licht van de realiteit is het onzin. Het kan een mythe zijn, het kan vals zijn, het zou hypocriet kunnen zijn: allerlei dingen die niet tot de realiteit behoren. Maar als je een Sahaja yogi bent dan zou je dat punt moeten kunnen zien en ervan genieten.

Ik heb gezien dat kinderen dat heel gemakkelijk kunnen en dat ze het begrijpen tot een bepaalde leeftijd, daarna weet ik niet wat er met hen gebeurt. Maar, laat ons zeggen toen ik mijn kinderen had, gingen ze bijvoorbeeld naar een Ram Leela (meerdaags toneelstuk over de Ramayana) kijken, zie je. Ze waren nog heel klein en op school leerden ze erover. Elke dag gingen ze er met onze bediende naar kijken. Alle bedienden samen organiseerden een Ram Leela en ze gingen ernaar kijken en als ze dan terugkwamen dan vertelden ze me hoe leuk het was.

Ze zeiden: “Vandaag hadden Dasharatha en zijn vrouw zoveel ruzie, en toen zagen we ineens dat het allebei mannen waren die vochten. Ze vochten met elkaar.” Dat soort dingen en elke keer vertelden ze me weer hoe grappig het was.

Maar mijn bediende zei: “Kijk eens naar onze…” – ze noemden hen ‘baby’, ” …de baby’s”. “Kijk hoe ze ervan genoten! Ze waren de hele tijd aan het lachen en ze genoten net zo van deze Ram Leela als wij.”

Maar zie je het verschil? De meisjes lachten om de absurditeit van de voorstelling, terwijl deze man dacht dat ze echt genoten van het geheel. Dit is dus het inzicht. Hetzelfde geldt voor jou als je naar je reactie kijkt. Het hangt af van je chitta, van je aandacht die verlicht is en een verlichte aandacht reageert op een heel andere manier dan een domme aandacht, of een verwarde aandacht, of een aandacht die vol negativiteit is.

Je moet er dus over oordelen hoe je reageert. Zo zag ik ooit een vreemde punker naar me toe komen. En ik zei: “Waarom doe je dit?”

Dus zei een Sahaja yogi: “Moeder, dat kan u niet vragen.”

Ik vroeg: “Waarom niet?”

“Het is nu eenmaal zijn religie ziet u.”

Ik vroeg: “Echt? Is dat zijn religie?”

Dus zei die man: “Wat is er dan mis mee?”

Ik zei: “Wat er mis mee is, is dat je geen identiteit hebt. Je hebt geen eigenwaarde, daarom beschilder je jezelf en probeer je te tonen dat je dit of dat bent, wat je niet bent. Waarom word je niet wat je bent?” En die man is later een Sahaja yogi geworden.

En dit moeten we zien, dat we moeten aanvaarden wat we zijn en we zijn de Spirit. Als we de Spirit zijn, dan moeten we leven en genieten en alles doen wat nodig is. Maar er zijn vier dingen die Boeddha heel mooi heeft gezegd, die jullie allemaal, denk ik, elke morgen moeten zeggen om ze te begrijpen. Eerst zei hij: “Buddham sharanam gacchami.” Ik geef me over aan Boeddha. Dat betekent: ik geef mezelf over aan mijn ontwaakte aandacht, aan mijn ontwaakte bewustzijn.” ‘Buddham sharanam gacchami’. Het is heel belangrijk te weten dat hij dit herhaaldelijk zei.

Daarna zei hij: “Dhammam sharanam gacchami.” Dat betekent: ik geef me over aan mijn dharma. Het dharma is niet uiterlijk, zoals deze religies die mythisch zijn en die zich in verkeerde voorstellingen hebben verloren. Maar de religie in mezelf, de innerlijke religie, daaraan geef ik mezelf over: aan rechtschapenheid, want jullie weten heel goed wat de ware kwaliteiten in ons zijn die ons het volledige waardensysteem geven.

Ten derde zei hij: “Sangham sharanam gacchami.” Ik geef mezelf over aan de collectiviteit. Jullie moeten elkaar ontmoeten. Ik doe mijn best voor een plek waar jullie kunnen samenkomen, al was het maar voor een picknick of wat dan ook, ten minste eens per maand. ‘Sangham sharanam gacchami’, dat is ontzettend belangrijk, want dan zal je beseffen dat je een deel bent van het geheel, dat de microkosmos de macrokosmos is geworden, dat jullie een wezenlijk deel zijn van de Virata en dat je er bewust van wordt. En zo werkt alles heel snel, zo helpen we elkaar, zo ontdekken we iemand die negatief is, en zo ontdekken we wie dat niet is. We ontdekken wie egoïstisch is en wie niet egoïstisch is. Zo ontdekken we de mensen die geen Sahaja yogi’s zijn terwijl ze zich wel zo voordoen en we laten hen gewoon los en begrijpen het.

Zonder naar de collectiviteit te komen, zonder collectief te zijn, kun je nooit de waarde van de collectiviteit begrijpen. Het is zo geweldig, het geeft je zoveel krachten, het geeft je zoveel voldoening en vreugde dat je in Sahaja Yoga eerst aandacht moet besteden aan de collectiviteit. Stel dat er nog iets ontbreekt, dan maakt dat niet uit. Je wordt gewoon collectief. En als je naar de collectiviteit komt, hoef je anderen niet te bekritiseren, je hoeft anderen niet uit te schelden. Kijk niet naar hun fouten, maar doe aan introspectie en besef: “Hoe komt het dat iedereen plezier heeft, terwijl ik hier zit en probeer fouten te vinden? Er moet iets mis zijn met mij.”

Als je gewoon aandacht kunt besteden aan jezelf, wat je gebreken betreft, dan ben ik zeker dat je veel collectiever zult worden dan wanneer je de gebreken van een ander begint te zien. En het heeft geen zin, het heeft geen zin ze te zien! Als ik een vlek op mijn sari heb dan moet ik die schoonmaken. Maar als jij een vlek op je sari hebt, wat is het nut ernaar te kijken? Ik kan het niet schoonmaken, jij moet dat zelf doen. Het is iets heel eenvoudigs, iets heel praktisch. Kunnen jullie me allemaal verstaan? Zoiets praktisch moet gedaan worden om te begrijpen dat Sahaja Yoga uiterst praktisch is. Het is het uiterst praktisch, omdat het de absolute realiteit is.

Dus met al deze krachten, met al deze inzichten, met al deze medelevende liefde moet je zeker zijn van jezelf en weten dat je voortdurend beschermd wordt, begeleid wordt, verzorgd en gevoed wordt, en in je groei wordt geholpen door deze goddelijke kracht, die allesdoordringend is.

Moge God jullie allen zegenen.

1 sanyasa: streng ascetisme waarbij men door vasten, meditatie en ontberingen eenheid met God probeert te bereiken

2 Adi Shakti: ondersteunende, vrouwelijke, moederlijke oerkracht, scheppende kracht van het universum, die belichaamd wordt door Shri Mataji; primordiale (oorspronkelijke) kracht

3 Virata: het grote kosmische lichaam; manifestatie van God

4 sangha: in Sahaja yoga: de gemeenschap van gerealiseerde zielen wereldwijd

5 dhyana: spirituele evolutie, meditatie

6 kashayapa: gerealiseerde ziel

7 Spirit: het Atma, het Zelf, de diepste (goddelijke) essentie van ons wezen, die zuivere liefde, vreugde en bewustzijn is

8 bandhan: bescherming

9 siddhi: (bovennatuurlijke) kracht

10 Pingala nadi: rechter energiekanaal; correspondeert met het (rechter) sympathische zenuwstelsel. Kanaal van actie en toekomstgericht denken.